Waarom voelt 20 graden toch koud?
De thermostaat geeft 20 graden aan, maar toch voelt het huis niet prettig warm. Dat is niet vreemd. Comfort wordt door meer bepaald dan alleen de temperatuur op de thermostaat.
Een thermostaat meet een temperatuur. U voelt comfort.
Een woning kan 20 graden zijn op de thermostaat, terwijl u het toch koud vindt. Dat betekent niet dat u zich aanstelt. Het betekent dat het systeem, de woning en het comfort samen bekeken moeten worden.
Een thermostaat meet meestal de luchttemperatuur op één plek in de woning. Maar uw lichaam reageert ook op koude muren, koude ramen, tocht in huis, koude vloer, vloertemperatuur, luchtstroming en temperatuurverschil tussen kamers.
Herkenbare klacht
De thermostaat staat op 20 graden, maar toch voelt uw huis koud. Soms voelt de woonkamer 20 graden maar koud, of voelt een warmtepomp op 20 graden anders dan de oude cv-ketel.
- De thermostaat staat op 20 graden, maar u vindt het toch koud.
- U zet de thermostaat hoger om comfort te krijgen.
- De ene kamer voelt prettig, terwijl een andere kamer koud blijft.
- De vloer voelt koud aan.
- U voelt tocht of koude luchtstromen.
- Ramen, muren of buitengevels voelen koud aan.
- De woning warmt traag op.
- Bij een warmtepomp voelt het anders dan bij de oude cv-ketel.
- Radiatoren voelen minder heet dan vroeger.
- Er lijkt minder warmtegevoel in de ruimte te zijn.
20 graden is niet in elk huis hetzelfde
Twee woningen kunnen allebei 20 graden zijn, maar toch heel anders aanvoelen. De thermostaat meet vooral de luchttemperatuur op één plek.
Comfort wordt ook bepaald door oppervlaktetemperaturen, tocht, vloertemperatuur, luchtstromen, opwarmtijd en temperatuurverschillen. Als muren, ramen of vloeren koud zijn, kan een ruimte kouder aanvoelen dan de thermometer aangeeft.
De thermostaat meet niet alles wat u voelt
De lucht kan 20 graden zijn, maar koude muren, ramen of vloeren kunnen de ruimte toch kil laten aanvoelen.
De plek van de thermostaat is ook belangrijk. Als die in een snel warme ruimte hangt, kunnen andere ruimtes achterblijven.
Wat kan er achter zitten?
Als het huis voelt koud ondanks 20 graden, kan dat meerdere oorzaken hebben. Thermisch comfort woning gaat over hoe u de warmte in een ruimte ervaart, niet alleen over het getal op de thermostaat.
Koude muren en ramen
Koude oppervlakken kunnen warmte aan uw lichaam onttrekken. Daardoor voelt een ruimte kouder, ook als de luchttemperatuur 20 graden is.
Tocht of luchtstromen
Kleine luchtstromen langs ramen, deuren, kieren of ventilatie kunnen ervoor zorgen dat het kouder aanvoelt.
Koude vloer
Een koude vloer beïnvloedt het comfort sterk, vooral als u zit of stil bent.
Temperatuurverschillen tussen ruimtes
Als de woonkamer warm is, maar hal, werkkamer of slaapkamer koud blijven, voelt de woning als geheel minder comfortabel.
Trage warmteafgifte
Bij lage temperatuurverwarming of vloerverwarming kan het langer duren voordat oppervlakken en ruimtes behaaglijk worden.
Te weinig afgiftevermogen
Radiatoren of vloerverwarming kunnen bij lage watertemperaturen te weinig warmte afgeven om de ruimte comfortabel te maken.
Waterverdeling of flow
Er kan wel warmte worden gemaakt, maar als er te weinig warm water naar bepaalde radiatoren of groepen stroomt, blijft comfort achter.
Warmteverlies van de woning
Als een woning veel warmte verliest via ramen, muren, dak, vloer, kieren of ventilatie, moet het systeem hard werken om comfort vast te houden.
Regeling of thermostaatplek
Een thermostaat meet op één plek. Als die plek sneller warm wordt, kan het systeem stoppen terwijl andere ruimtes nog koud aanvoelen.
Andere manier van warmteafgifte
Stralingswarmte, convectiewarmte en luchtstroming spelen mee in hoe warm een ruimte voelt.
Thermostaattemperatuur en gevoelstemperatuur
De thermostaat meet meestal de luchttemperatuur. Maar mensen ervaren comfort breder. Als u naast een koud raam zit of een koude vloer voelt, kan het lichaam warmte verliezen aan de omgeving. Daardoor voelt het kouder, ook als de lucht 20 graden is.
Dit gaat over thermisch comfort: de manier waarop iemand warmte, kou, tocht, luchtbeweging en oppervlakken in een ruimte ervaart.
Stralingswarmte en convectiewarmte: waarom warmte anders kan voelen
Een ruimte kan op verschillende manieren warm aanvoelen. Warmte wordt niet alleen via warme lucht verspreid. Er is ook verschil tussen stralingswarmte en convectiewarmte.
Stralingswarmte
Stralingswarmte voelt u direct op uw lichaam. Denk aan zonnestralen door een raam of de warmte van een warme vloer, wand of radiator.
Convectiewarmte
Convectiewarmte verwarmt vooral de lucht. Warme lucht stijgt op, mengt zich met koelere lucht en verspreidt zich door de ruimte.
Ander gevoel
Een ruimte met warme oppervlakken voelt anders dan een ruimte waar vooral lucht wordt verwarmd.
Balans
Beide vormen kunnen goed werken, maar ze vragen om een passend afgiftesysteem, goede waterstroming en goede instellingen.
Welk afgiftesysteem geeft welke warmte?
Waarom 20 graden toch koud kan voelen, hangt ook af van hoe de warmte wordt afgegeven.
Een radiator geeft warmte af via straling én natuurlijke convectie. Bij hoge watertemperaturen voelt een radiator vaak duidelijk warm aan. Bij lage watertemperaturen kan de afgifte afnemen.
Vloerverwarming voelt vaak comfortabel doordat een groot oppervlak warmte afgeeft. De warmte is gelijkmatig, maar reageert trager.
Een convector werkt vooral via convectiewarmte. Lucht stroomt langs warme lamellen en wordt daardoor verwarmd.
Een ventilatorconvector of radiatorventilator maakt geen extra warmte, maar helpt de aanwezige warmte sneller aan de lucht over te dragen.
Luchtstroming: rustig of actief bewogen lucht
Bij natuurlijke convectie beweegt lucht rustig langs een warm oppervlak. Bij een gewone radiator stijgt warme lucht vanzelf op langs de radiator. Dit is een rustige, geleidelijke luchtbeweging.
Bij geblazen convectoren of ventilatorradiatoren wordt lucht actief in beweging gebracht. De lucht stroomt sneller langs het warme oppervlak en mengt beter met de lucht in de ruimte.
Laminair of turbulent, simpel gezegd
Laminaire luchtstroming is rustige, meer gelijkmatige luchtbeweging. Turbulente luchtstroming betekent meer menging en beweging van lucht.
Bij lage watertemperaturen wordt warmteoverdracht lastiger. Door meer lucht langs het warme oppervlak te bewegen, kan de afgifte verbeteren. Meer luchtbeweging is niet automatisch beter: het moet comfortabel blijven en geen tochtgevoel of geluid veroorzaken.
Waarom verwarmen met een warmtepomp anders kan voelen
Bij een cv-ketel werden radiatoren vaak heet. Daardoor voelde u sneller duidelijke warmte. Een warmtepomp verwarmt meestal met lagere watertemperaturen. Dat kan heel comfortabel en zuinig zijn, maar alleen als het afgiftesysteem, de waterverdeling, de instellingen en de woning goed op elkaar zijn afgestemd.
Comfort is geen luxe
Zuinig verwarmen is belangrijk, maar niet als u kou moet accepteren. Een goed verwarmingssysteem zorgt voor comfort met zo min mogelijk onnodig energieverbruik. Daarvoor moeten warmtebron, afgifte, waterstroming, regeling en woning samenwerken.
Wat kunt u zelf alvast bekijken?
Kijk alleen wat u veilig kunt zien. Twijfelt u? Laat een installateur meekijken. Draai niet zomaar aan instellingen.
- Waar hangt de thermostaat?
- Is de ruimte bij de thermostaat sneller warm dan andere kamers?
- Voelt u tocht bij ramen, deuren of ventilatieroosters?
- Voelen ramen, buitenmuren of vloeren koud aan?
- Blijven bepaalde kamers kouder dan andere?
- Worden radiatoren of vloerverwarming goed warm?
- Voelt de radiator veel minder warm dan vroeger?
- Heeft u radiatoren, vloerverwarming, convectoren of ventilatorconvectoren?
- Hoort u geluid of voelt u luchtbeweging bij ventilatorconvectoren?
- Moet u de thermostaat hoger zetten dan normaal om comfort te krijgen?
- Is er recent geïsoleerd, verbouwd of een vloer veranderd?
- Is het systeem ooit waterzijdig ingeregeld?
- Is er vloerverwarming en reageert die traag of ongelijkmatig?
Waarom meten belangrijker is dan gokken
Als 20 graden toch koud voelt, wordt vaak gedacht dat de thermostaat verkeerd staat of dat de warmtepomp niet goed werkt. Maar zonder meting is dat lastig te beoordelen.
Meten maakt zichtbaar waarom het getal op de thermostaat niet overeenkomt met uw gevoel van comfort.
Meten geeft inzicht in onder andere:
Wanneer direct uw installateur bellen?
WarmHuisCheck is bedoeld voor inzicht bij comfortklachten, niet voor acute storingen.
- Foutmelding of storing in beeld.
- Geen verwarming of warm water.
- Lekkage.
- Vreemde brandlucht.
- Installatie die uitvalt.
- Een onveilige situatie.
Voelt 20 graden toch koud?
Met de WarmHuisCheck brengen we stap voor stap in kaart hoe uw woning, warmtebron, radiatoren of vloerverwarming, waterstroming en instellingen samenwerken.
Zo krijgt u meer inzicht in wat er waarschijnlijk aan de hand is. Als er hulp nodig is, kunnen we u koppelen aan een passende partnerinstallateur.
De WarmHuisCheck geeft inzicht en richting, maar is geen storingsdienst, officiële warmteverliesberekening of definitieve diagnose. Bij foutmeldingen, lekkage, uitval of acute storing neemt u direct contact op met uw installateur of onderhoudspartij.
Lees ook
Wilt u beter begrijpen waarom comfortklachten ontstaan? Deze onderwerpen sluiten hier goed op aan.
